Vrijheidsorganisaties

De drie letters ANC staan voor African National Congress. De partij die met name bekend werd in de persoon van Nelson Mandela, lijkt na de verkiezingen als grote winnaar uit de ‘struggle’ te zijn gekomen. Het ANC was echter niet de enige partij die vocht voor de vrijheid van Zuid-Afrika.

De eerste jaren van de strijd was het ANC alleen toegankelijk voor zwarte Zuid-Afrikanen. Indiërs, blanken en kleurlingen die hun steentje wilden bijdragen aan de ‘struggle’ moesten daarom hun eigen partijen oprichten. Pas met de komst van het Handvest van de Vrijheid ziet het ANC in dat de strijd tegen apartheid niet alleen door Afrikanen geleid kan worden en ontstaat er een breder samenwerkingsverband tussen de verschillende bevolkingsgroepen en partijen. Niet iedereen is het echter met deze samenwerking eens. Verschillende vrijheidsideologieën concurreren met elkaar om de meeste aanhangers. De partijen verschillen met elkaar van mening over de toekomst van Zuid-Afrika. Moest het ‘nieuwe’ Zuid-Afrika bijvoorbeeld een communistische heilstaat worden? Of een democratisch land dat bestuurd werd door gekozen leiders? En wie mogen er wonen? Alleen de oorspronkelijke zwarte Afrikanen? Of hadden de blanken, Indiërs en kleurlingen ook nog wel een plaats verdiend? Genoeg voeding voor een grote verscheidenheid aan politieke partijen.

COSAS het Congres van Zuid-Afrikaanse studenten is een studentenpartij die opgericht werd in juni 1979. De organisatie is een voortzetting van de SASM (South-African Student’s Movement) die in 1977 verboden werd, en richt zich tegen misstanden in het onderwijs zoals slecht opgeleide docenten, slechte faciliteiten op scholen, lijfstraffen en ondemocratische bestuursystemen. COSAS staat voor een gratis verplicht educatiesysteem in een multiraciaal Zuid-Afrika. Door studenten te mobiliseren probeert het congres een democratische studentenraad op scholen te organiseren. In 1985 werd COSAS verboden maar dat kon niet verhinderen dat de organisatie een actieve rol in de strijd tegen apartheid bleef spleen.

IFP Inkatha vrijheidspartij was lang een van de grootste partijen in Zuid-Afrika. De Inkatha-beweging werd opgericht in 1975 door Mangosuthu Buthelezi, die de partij nog altijd leidt. Buthelezi kreeg de erfelijke titel van premier van het thuisland KwaZulu, studeerde aan de Universiteit van Fort Hare en is lid van de Jeugdliga van het ANC geweest. Zijn politieke en vooral zijn economische en maatschappelijke denkbeelden kwamen echter niet overeen met het moderne ANC-gedachtegoed. De partijen werkten aanvankelijk nauw samen maar in de jaren ’80 verslechterde de band en raakten de partijen in een hevige strijd die uitmondde in een burgeroorlog waarbij enkele duizenden mensen om het leven kwamen.
Buthelezi gebruikte bepaalde symbolen om een Zoeloe-etnisch nationalisme te ontwikkelen. Hierbij werd deelname aan Inkatha een nieuw onderdeel van de mannelijke Zoeloe-identiteit.

PAC Pan-Afrikaans Congres werd opgericht in 1958 door Robert Sobukwe die samen met Nelson Mandela in de ANC Jeugdliga heeft gezeten. De partij bestond in de eerste instantie voornamelijk uit mensen die uit het ANC waren gestapt. In tegenstelling tot het ANC stond het PAC geen non-raciaal beleid voor en was voorstander van het Pan-Afrikanisme. Hun kritiek op het ANC was dan ook dat het ANC in het verzet tegen de apartheid samenwerkte met blanken. Het PAC zag elke blanke als vijand. De meeste aanhangers van PAC woonden rondom Kaapstad, met name Langa en Nyanga. Tijdens de verkiezingen van 1994 behaalde de partij slechts een klein aantal zetels.

SAIC Zuid-Afrikaanse Indiaase Congres werd opgericht rond 1880. Nadat in 1834 ook in Zuid-Afrika de slavernij was afgeschaft werden er goedkope contractarbeiders uit India gehaald. Het was de bedoeling van de regering dat deze groep alleen tijdelijk naar Zuid-Afrika zou komen om te werken maar velen zijn gebleven om een bestaan op te bouwen. Net als de gekleurde bevolking die al in Zuid-Afrika woonde, kregen ook de Indiërs te maken met rassendiscriminatie door de blanke regering. Onder leiding van Ghandi werd in 1894 de Natal Indian Congress opgericht dat later opgeslokt zou worden door de South African Indian Congress in 1919. Tussen 1908 en 1913 voerde Ghandi samen met de Indiërgemeenschap een massale campagne van burgerlijke ongehoorzaamheid. Duizenden Indiërs lieten hun werk, hun studie en hun huis achter om deel te nemen aan protestmarsen, landbezettingen en andere vreedzame acties. Meer dan 2000 vrijwilligers belandden in de gevangenis. De campagne gaf een enorme stimulans en zelfvertrouwen aan de Indiër gemeenschap en was een groot voorbeeld voor protestorganisaties van andere Zuid-Afrikanen.

SACP De Zuid-Afrikaanse Communistische Partij  is voortgevloeid uit de Communistische Partij. Partij-ideoloog Michael Harmel ontwikkelde een doctrine die samenwerking tussen communisten en nationalisten mogelijk moest maken. Volgens deze doctrine van ‘binnenlands kolonialisme’ moest Zuid-Afrika binnen Afrika worden beschouwd als een geval apart. Omdat kolonisten en gekoloniseerden, anders dan in de rest van Afrika, hetzelfde grondgebied delen en er niet valt te verwachten dat de kolonisten ooit nog zouden vertrekken.
Onder deze omstandigheden lag het volgens de communisten voor de hand dat zwarte arbeiders eerder een raciaal, dan een klassenbewustzijn ontwikkelden. In hun belevenis werden ze niet onderdrukt als proletariaat, maar als onderworpen zwarten. Voor Zuid-Afrika was de klassenstrijd dus geen realistisch vooruitzicht. Communisten moesten zwarte nationalisten niet afwijzen als reactionair, maar hen coachen in een gefaseerd proces dat via een nationalistische ‘volksdemocratie’ zou leiden tot een communistische revolutie.
 

UDF Verenigd Democratisch Front zag zichzelf tijdens de ‘struggle’ als vertegenwoordiger van het verbannen ANC. Aan de leiding stonden de drie voorzitters Archie Gumede, Oscar Mphetha en Albertina Sisulu. Het front bestond uit enkele honderden locale organisaties waardoor het front vooral plaatselijke problemen het hoofd kon bieden doordat de diverse afdelingen zich daaromheen konden mobiliseren. Lidmaatschap stond open voor iedere organisatie die de principes van Freedom Charter nastreefde. In november 1984 barstten de protesten van het UDF los in een openlijk volksverzet. De organisatie werd verboden in 1988. Hierna ging de beweging verder onder de naam MDM (Massa Democratische Beweging)

Vrijheidsorganisaties
X
Loading